Toen ik net begon met hardlopen las ik ‘The Science of Running’. Een boek, geschreven door Steve Magness, wat ik er later tijdens mijn studie aan de Sporthogeschool nog regelmatig bij pakte. In dit boek beschreef Magness zijn ‘8 rules of everything’. Acht regels die niet alleen toepasbaar zijn op training maar eigenlijk op alles, op het leven. Wij bij Gewoon Lekker Rennen gebruiken deze regels als reminders wanneer we onderzoeken lezen, schema’s schrijven of mensen adviseren. Of eigenlijk, bij….. alles.

 

1

Als iets nieuw is of groeit in populariteit wordt het eerst overgewaardeerd tot het uiteindelijk op de juiste plaats komt. Hoe lang dat duurt varieert. Bijvoorbeeld bij de komst van de hartslagmeter, wedstrijdschoen, wattagemeter of de sportvoeding en schoenen van het ‘1.59 project’.

2

Onderzoek is zo goed als de meetinstrumenten die zijn gebruikt. De uitkomsten van onderzoeken worden vaak direct gepubliceerd in de media zonder de interpretatieverschillen en de meetwijze te bekijken.

3

We overwaarderen de dingen die we kunnen meten en hetgeen wat we al weten. We negeren de dingen die we niet kunnen meten en weinig van weten. Zodra er lactaat, hartslag, wattage, pasfrequentie enz. gemeten kan worden maken we deze metingen heel erg waardevol. We negeren daarbij zo wat alles wat (nog) niet meetbaar is en een net zo veel of groter aandeel heeft.

4

We denken vaak in absolute waarden, in zwart-wit. In plaats van in de vorm van een spectrum wat we vaak het grijze gebied noemen. Mensen hebben vaak een heel helder beeld voor ogen, iemand die het niet met dat beeld eens is gaat daar meestal tegenargumenten voor verzinnen. Hoe sterker de tegenargumenten, hoe verder de beiden argumenten van elkaar afstaan. Echter, de waarheid ligt vrijwel altijd daartussen.

5

We onderschatten de complexiteit van vrijwel alles. Onze kennis overschatten we juist. De mens denkt vaak dat alles onderzocht, begrepen en gestuurd kan worden. In werkelijkheid begrijpen we maar een fractie van alles en hoe meer vragen er beantwoord worden hoe meer vragen er juist ontstaan.

6

Het menselijk lichaam is ontzettend bijzonder en is veel complexer dan dat we vaak beseffen. Het overgrote deel van de menselijke populatie bestaat uit ‘walking heads’. Het lichaam is er alleen om de boordcomputer, ons brein, onderdeel van ons lichaam, dagelijks te verplaatsen. We waarderen het lichaam niet zoals we dat zouden moeten doen.

7

Jij bekijkt en analyseert zaken volgens JOUW perspectief, sterk benadrukkend en overschattend wat je basiskennis is. Zo denken sprinters bijvoorbeeld vaak dat duursporters te veel trainen en meer aan hun snelheid zouden moeten werken en andersom denken duursporters vaak dat sprinters beter aan hun basis zouden moeten werken.

8

Alles lijkt in cyclussen te werken. Trends in training, mode, enzovoort. Het komt en gaat allemaal van tijd tot tijd.

 

Literatuur:

Magness, S. (2014). The science of running. San Rafael, CA; Origin Press